Homepaginadraaiduizeligheid-bppd-oorzaak-klachten-en-epley

Draaiduizeligheid (BPPD): oorzaak, klachten en Epley

Draaiduizeligheid door BPPD: wat is het en wat kun je doen?

Word je ineens duizelig als je je omdraait, omhoog kijken of snel gaat liggen? Dat typische, draaiende gevoel (alsof de kamer beweegt) past vaak bij draaiduizeligheid door BPPD. Het kan heftig voelen, maar het is meestal goed te behandelen. In deze tekst lees je welke klachten erbij horen, de oorzaak ervan, hoe de diagnose BPPD wordt gesteld en wat de behandeling van BPPD inhoudt.

Wat is BPPD (benigne paroxysmale positie duizeligheid)?

BPPD is de afkorting van benigne paroxysmale positie duizeligheid. Benigne betekent goedaardige: het is niet gevaarlijk, wel vervelend. Het is een vorm van duizeligheid die optreedt bij een specifieke beweging van het hoofd, bijvoorbeeld bij omdraaien in bed of bij snelle hoofdbewegingen. Je kunt een gevoel dat je zelf beweegt hebben, terwijl je stil ligt.

Welke klachten passen bij draaiduizeligheid?

Bij aanvallen van duizeligheid door BPPD zijn de klachten vaak kortdurende en komen ze in korte aanvallen. Een aanval kan kort duren: vaak 30 seconden, soms 1 minuut, meestal minder dan 1 minuut. Toch kan het ook langer aanvoelen; bij sommige mensen duurt de  aanval ongeveer 2 minuten. Tussen de aanvallen door kun je je nog wat wiebelig voelen.

  • Duizeligheid met een draaiend karakter: echte draaiduizeligheid.

  • Misselijkheid, soms braken of misselijkheid en braken (en bij sommigen soms met braken).

  • Onwillekeurige oogbewegingen (nystagmus) tijdens de aanval.

  • Onzeker lopen of het gevoel dat je evenwicht “wegvalt”.

Herken je dit en vraag je je af welke klachten nog normaal zijn? Als je ook uitvalsverschijnselen hebt (krachtverlies, dubbelzien, spraakproblemen) past dat niet bij BPPD en moet je direct medische hulp zoeken.

Oorzaak van BPPD: kristallen die losraken

In het binnenoor, binnen in het oor, zitten kleine kristallen (oorsteentjes). Bij BPPD kunnen die losraken en als loszittende deeltjes in een kanaaltje terechtkomen. Dat kanaaltje is een deel van het evenwichtsorgaan. Als je je hoofd beweegt, gaan die deeltjes meebewegen en ontstaat een verstoring van het signaal naar je hersenen. Met als resultaat: plots duizeligheid en soms misselijkheid.

Er zijn verschillende oorzaken. Het kan optreden na een hoofdongeval, na een ooroperatie, of bij problemen van het binnenoor of na langdurige bedrust (bijvoorbeeld na ziekte of operatie). Ook een ontsteking van het evenwichtsorgaan kan voorafgaan. Soms is er geen duidelijke aanleiding; dat hoort helaas ook bij deze aandoeningen.

Diagnose BPPD: de zogenaamde kiepproef

De diagnose BPPD wordt meestal gesteld met een test op de behandelbank: de zogenaamde kiepproef. Daarbij ga je vanuit een zittende houding snel achterover, met het hoofd in een bepaalde stand. De zorgverlener let op duizeligheid en oogbewegingen. Zo wordt duidelijk welk kanaal betrokken is en of de klachten passen bij draaiduizeligheid door BPPD.

Behandeling van BPPD: Epley manoeuvre en oefentherapie

De behandeling van BPPD bestaat vaak uit het maken van een specifieke beweging met het hoofd, zodat de losgeraakte deeltjes teruggaan naar de juiste plek. De bekendste is de epley, ook wel de epley manoeuvre genoemd. Tijdens deze epley-beweging draai je het hoofd stap voor stap, soms met een halve slag gedraaid, en blijf je per positie ongeveer 30 seconden liggen. Het doel is dat de verplaatsing van de deeltjes de klachten versnelt laat afnemen en je uiteindelijk minder duizelig wordt.

Soms krijg je daarnaast oefentherapie mee, bijvoorbeeld 3x per dag per oefening een korte reeks bewegingen. Dat kan helpen om duizeligheid te verminderen, maar de repositiemanoeuvre in de praktijk werkt vaak sneller.

Afdeling fysiotherapie en doorverwijzing

Veel mensen worden doorgestuurd naar de afdeling fysiotherapie of een gespecialiseerde therapeut. Daar wordt gekeken welke beweging jouw klachten uitlokt (bijvoorbeeld positie snel veranderen of naar achteren bewegen) en welke manoeuvre het beste past.

Beloop: gaat het vanzelf over en wat kun je zelf doen?

Het beloop is vaak gunstig: klachten kunnen vanzelf overgaan, maar het kan ook zijn dat je blijft klachten houden als de verstoring niet wordt opgelost. Probeer niet in bedrust te blijven “om het uit te zitten”; juist langdurige bedrust kan het herstel vertragen. Beweeg rustig, vermijd even heel snelle draaibewegingen, en laat je behandelen als het terugkomt.

Wanneer een dokter bij draaiduizeligheid?

Neem contact op met een dokter bij draaiduizeligheid als de duizeligheid nieuw is, als je vaak braken hebt, als je koorts of oorpijn hebt, of als je twijfelt of het wel BPPD is. Met de juiste aanpak is deze goedaardige aandoening meestal snel onder controle.